Warmtepompen voor sociale woningen Vlierbeekveld

Warmtepompen voor sociale woningen Vlierbeekveld

Gebouwen
Logo Leuven 2030
Leuven 2030
Door de redactie

Warmtepompen zijn de toekomst. Ze houden gebouwen behaaglijk warm of heerlijk koel, en dat kunnen ze volledig op hernieuwbare energie. Warmtepompen passen dan ook mooi binnen programma 3 van de Roadmap 2025 · 2035 · 2050 naar een klimaatneutraal Leuven. En dat stukje comfort van de toekomst is ook al te bewonderen in sociaal woonproject Vlierbeekveld in Kessel-Lo.


In het project Vlierbeekveld worden in opdracht van SWaL en in samenwerking met ingenieur-architecten T’Jonck Nilis 38 sociale huurwoningen gebouwd. Uiteraard gebeurt de bouw zo energiezuinig mogelijk. Isolerende beglazing, dak-, vloer- en muurisolatie en een flinke oppervlakte aan zonnepanelen zijn het nieuwe normaal. Maar willen we naar een comfortabele, leefbare toekomst voor iedereen, dan moeten ook stookolie- en gasketels plaats maken voor bijvoorbeeld warmtepompen.

Om meer te weten te komen over het project Vlierbeekveld belt Sien van Leuven 2030 met David Martens van studiebureau Efika, dat het project technisch begeleidde. Met het gezellige geluid van spelende kinderen op de achtergrond steekt hij van wal: ‘Toen we met dit project begonnen, gebruikten nog niet veel sociale huisvestingsmaatschappijen aardwarmte voor de verwarming van hun woningen. Het was dus heel leuk dat we deze extra stap konden zetten.’

Warmte uit de grond

Hoe de warmtepompen van Vlierbeekveld precies werken? ‘Het zijn geothermische warmtepompen, die de bodem als bron gebruiken,’ legt David uit. ‘Eerst boren we tot 50 meter diep in de grond. Daarin plaatsen we verticale leidingen die een warmtewisselaar met de grond vormen. In de winter wordt warmte uit de grond getrokken om de warmtepomp te voeden, die de temperatuur opkrikt om naar de vloerverwarming te sturen. In de zomer gebeurt het omgekeerde: dan wordt koude uit de bodem onttrokken om de woning te koelen, en de warmte uit de woning gaat opnieuw de bodem in. Die warmte laadt de bodem weer op voor de volgende winter.’

Heel knap dat de huisvestingsmaatschappij voor de duurzame optie gekozen heeft.

David Martens

Voor het project van start ging zijn voorstudies gedaan, die onder andere door het Europese project L.E.U.V.E.N. gefinancierd zijn, waarin bijvoorbeeld gekeken is naar de verwarming van de woningen. De uiteindelijk keuze voor geothermische warmtepompen, de meest duurzame optie, was niet evident. David legt uit waarom: ‘In de eerste plaats zijn de budgetten voor de bouw van sociale woningen heel krap. Warmtepompen zijn ook nog niet verplicht. Ze leveren een besparing op je energiefactuur op, maar die besparing ligt bij de huurder. Dat is dus geen prikkel voor de huisvestingsmaatschappij om te kiezen voor een warmtepomp. Gelukkig is er wél een korting op het kadastraal inkomen voorzien voor woningen met een laag E-peil, wat wel een voordeel was voor de huisvestingsmaatschappij. Gezien de omstandigheden vind ik het heel knap dat SWaL toch voor die duurzame optie gekozen heeft.’

Meedoen?

Ben jij ook geïnteresseerd om duurzaam te bouwen of je gebouw anders en duurzamer in te vullen? Wil je mee je schouders zetten onder de Roadmap 2025 · 2035 · 2050 naar een klimaatneutraal Leuven? Neem dan een kijkje op Bouwen Aan 2030 en laat je inspireren.

EU Vlag

Het L.E.U.V.E.N.-project is medegefinancierd door de Europese Unie

In deze publicatie wordt slechts de mening van de auteur weergegeven. De Europese Unie en de Europese Investeringsbank zijn niet aansprakelijk voor het gebruik dat eventueel wordt gemaakt van de informatie in deze publicatie.